Het Catharina Ziekenhuis Eindhoven heeft aan de zuidzijde van de oude hoofdentree een nieuw pand gebouwd (gebouw Z), dat dient als nieuwe hoofdentree voor het gehele complex en waarin een gedeelte van de cardiologische afdeling is ondergebracht.
Tevens is de ruimte tussen Gebouw Z en de oude entree overdekt met een "corridor" en een loopbrug ter hoogte van de eerste verdiepingsvloer van Gebouw Z naar Gebouw H.
Catharina-Ziekenhuis-Eindhoven

Project informatie

Werkveld

Constructies

Plaats

Eindhoven

Opdrachtgever

Catharina Ziekenhuis Eindhoven

Architect

Architecten aan de Maas

Omvang

7100 m2 bvo

Start

2014

Oplevering

2016

Adviesdiensten

Ontwerp en Uitvoering, Bestek, Kostenraming
chevron-right chevron-left

Aronsohn Constructies was in het ontwerpteam verantwoordelijk voor de constructieve veiligheid van het nieuwe gebouw naar een ontwerp van architectenbureau Architecten aan de Maas. In het ontwerp is rekening gehouden met een uitbreiding van 3 bouwlagen aan de oostzijde van het gebouw.  In verband met het beperken van overlast voor patiënten en de primaire processen (operaties en zorg) eiste het CZE een trillingsvrij in te brengen paalsysteem. Om het aantal palen en daarmee de poerafmetingen te beperken is gekozen voor een fundexpaal met groutinjectie. Ter plaatse van de “corridor” tussen gebouw Z en gebouw H kon worden volstaan met een fundering op staal. Gebouw Z heeft in hoofdzaak een verticale draagstructuur met kolommen en enkele prefab stabiliteitswanden. De puntvormige belastingen uit de kolommen worden door poeren afgedragen naar de palen. Tussen de poeren zijn betonnen balken voorzien, die de begane grond dragen. Doordat er sprake is van een hoogteverschil van ca. 1 meter tussen de zuidzijde en de noordzijde van het gebouw heeft de begane grondvloer 2 niveaus. Boven de kelder bevindt zich een breedplaatvloer (d=250 mm) op 50- peil. Daarbuiten zijn kanaalplaatvloeren (h=200 mm) met een druklaag (70-50-70 mm) voorzien op een (constructieve) hoogte van 1270 – peil. Het bouwkundige peil ligt hier op 920 – peil.  Het verschil tussen bouwkundig peil en constructief peil is zo gekozen omdat een deel van de vloer buiten de gekromde glazen pui steekt. In de hoogte van 350 mm is het mogelijk om aan de buitenzijde een afwerking in de vorm van bestrating aan te brengen en aan de binnenzijde de thermische schil op de begane grondvloer te leggen.

Gebouw Z kent in langsrichting 9 stramienen van 7,2 m en in breedterichting een stramienverdeling van 7,2 m – 9,0 m – 9,0 m – 7,2 m. Rondom steken de verdiepingsvloeren 450 mm voorbij de buitenste stramienen. De bovenbouw bestaat uit breedplaatvloeren (d-250 mm) met verzwaarde kolomstroken (bxh 2700×450 mm), dragende prefab gevelelementen vanaf de eerste verdiepingsvloer en prefab betonkolommen. Om de entreehal zoveel mogelijk vrij van obstakels te laten zijn, is het aantal wanden op de begane grond zo veel als mogelijk beperkt.  De prefab betonkolommen op de begane grond zijn rond 550 mm of vierkant 500. Boven de eerste verdiepingsvloer kan worden volstaan met prefab kolommen vierkant 450. Op een deel van de 3everdieping bevindt zich de technische ruimte in een eenvoudige staalconstructie. De prefab betonkolommen zijn in verband met de mogelijke uitbreiding van de verdiepingsvloeren doorgetrokken.  De stabiliteit boven de eerste verdiepingsvloer wordt voornamelijk verzorgd door de dragende prefab gevelelementen. De windbelasting uit de prefab gevelelementen wordt via de eerste verdiepingsvloer overgedragen naar de prefab betonwanden op de begane grond; de wanden van de liftschacht, de prefab betonwanden naast de fietsenstalling (as ZB) en de hellingbaan (as ZD) en de wand op as Z4. De stabiliteitswanden op de begane grond bevinden zich excentrisch ten opzichte van het zwaartepunt van de windbelasting. Dat betekent dat per windrichting alle wanden mee worden genomen in de afdracht van de windbelasting naar de fundering om de excentriciteit van de windbelasting op te kunnen vangen.